Posts tonen met het label dorp. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dorp. Alle posts tonen

28-09-2012

Les temps modernes

Om het Franse platteland leefbaar te houden stelt de overheid van alles in het werk om om het de bevolking naar de zin te maken. Dat is een buitengewoon moeilijke opgave want de ontvolking is het grote spook dat al sinds de negentiende eeuw rondwaart. Alle voorzieningen – zoals scholen, gezondheidszorg, winkels, transport - staan zwaar onder druk en de economische malaise met een hoge werkloosheid gooit daar nog een flinke schep bovenop.

Er is echter een institutie dat de dans lijkt te ontspringen: het gemeentehuis. Omdat de Fransen van gemeentelijke herindeling niet veel wilden weten heeft ieder dorp zijn mairie. Zelfs een gehucht van nog geen vijftig zielen heeft een burgemeester, een gemeenteraad plus de huisvesting van het bestuurlijke apparaat.

De ironie wil dat er een hausse lijkt te zijn onstaan in renovaties van gemeentehuizen. Er is niet te ontkomen aan de moderne tijd! Zo is in Saint-Laurent de mairie verhuisd naar een nabijgelegen pand om samen te smelten met de Post, die op sterven na dood was. En hoe is dat aangepakt? Juist ja, modern! En dat betekent kunststof kozijnen en deuren in een heftige kleur, het interieur strak en glad zonder enige sfeer. Toegegeven, het zal efficiënter werken maar waar is de oude sfeer met de piepende deuren, de houten bureaus en de kasten gebleven?

In Dombras is het gemeentehuis van een armetierige ruimte zonder enige vorm van comfort verplaatst naar het château aan de overkant. Zo werd gelukkig een oud, vervallen gebouw met een karakteristieke uitstraling behouden voor het dorp.

En onlangs is in het naburige Grand-Failly met veel fanfare het gemeentehuis geopend. Het lijkt wel of zelfs de kleinste plaatsjes niet ontkomen aan de wens van de bestuurders om iets van grandeur achter te laten, ook al kunnen ze niet tippen aan de megalomane projecten van presidenten als Mitterrand en Pompidou. Gelukkig maar!

01-11-2011

De Grande Rue een eeuw geleden

De Grande Rue in de tijd dat er nog geen electriciteit was, aan het begin van de twintigste eeuw. Rechts voor het huis met gesloten luiken zijn een meisje en een kip te zien. Het is opvallend dat de ruimte voor het huis - het usoir - zo netjes en opgeruimd is. Waarschijnlijk omdat er geen inpandige stal is en de verdieping uitsluitend voor opslag van hooi werd gebruikt.


Deze foto toont een deel van de Grande Rue meer in de richting van Moscou. Het valt op dat er inmiddels electriciteit in het dorp was aangelegd. Het huis rechts staat er nog altijd en is een van de grotere panden van het dorp.


Een boerentafereel nog iets hogerop in de Grande Rue. Traditioneel werden de koeien altijd op stal gemolken waardoor er een voortdurend « va-et-vient » was van dieren. Het voordeel van deze methode was dat de mest meteen op de pluis voor de boerderij kon worden gegooid. En het nadeel is evident...


Ook deze kiek is gemaakt bovenaan de Grande Rue, maar dan in de richting van de kerk. Aan het uithangbord te oordelen is in het grote huis rechts een paardenhandelaar of hoefsmid gevestigd.

17-04-2009

Bouw en renovatie

Bij het eerste bezoek in het voorjaar blijkt dat men in Saint-Laurent beslist niet stil heeft gezeten. Verschillende bouwprojecten zijn tijdens de winterperiode uitgevoerd of gepland. In navolging van veel andere dorpen, zoals het nabij gelegen Pillon, heeft de gemeente een plan voor een zogeheten « lotissement » uitgewerkt, gelegen aan de rand van het dorp. Dergelijke projecten zijn van groot belang om de leefbaarheid van het platteland te bevorderen. Zij trekken nieuwe inwoners aan, geven de lokale bevolking de gelegenheid om nieuwbouw te plegen, zorgen voor meer gemeentelijke inkomsten, en gaan wildgroei van nieuwbouw tegen. Het is nu nog te bezien of er voldoende geïnteresseerden hier op af komen.

Het oude gebouw van de mairie aan het plein, dat ook de school huisvest, heeft een flinke verbouwing ondergaan. Op de verdieping zijn appartementen voor de verhuur gerealiseerd, en op het gelijkvloers heeft de school meer ruimte gekregen, plus nieuwe toiletten. Het secretariaat van de gemeente is verhuisd naar het pand van La Poste dat voor dit doel grondig is gerenoveerd. Het postkantoor stond trouwens op de nominatie om gesloten te worden maar is toch behouden door de toekenning van een nieuwe « intercommunale » status. Ook de voorgevel van de naastgelegen feestzaal heeft een facelift gekregen. Bij de opknapbeurt is volop gebruik gemaakt van moderne materialen en kleuren, wat wel enigszins afbreuk doet aan de landelijke charme.


Tot slot een particulier initiatief, de renovatie van een van de mooiste huizen van Saint-Laurent, gelegen aan het dorpsplein. De voorgevel vertoonde een aantal grote scheuren en verzakkingen, maar nu zijn alle problemen opgelost en de gevels zijn eveneens gereinigd. Een prachtig resultaat en dan zijn de plastic geraniums in de vazen snel vergeven.

22-09-2008

Schitterend najaar!

Ligt deze moestuin er niet schitterend bij in het mooie septemberlicht? De opzet van de tuin is traditioneel Frans, dat wil zeggen groenten en bloemen door elkaar. De bloemen staan er niet zozeer voor het mooi, maar omdat ze nuttig zijn. Voor de vaas, als insectenverjager (afrikaantjes), of natuurlijk voor op het kerkhof.

De grote blikvanger is de herfstaster die niet alleen heel hoog is, maar ook zo intens paars. Een prachtig beeld voor een schilderij maar of dat lukken gaat?

In deze tijd van het jaar worden ook de aardappelen geoogst, « les patates ». Als leverancier van verse groenten en fruit - en bij overvloed van conserven - is de groentetuin van groot belang. Daarom geeft de regionale krant veel aandacht aan de grootste zonnebloem, pompoen, enzovoort. Bij de aardappels werden in het noorden van de Meuse exemplaren van meer dan 1 kg gerapporteerd! Overigens beschouwen de Fransen de aardappel als een groente. De pieper heeft dan ook geen aparte status zoals in het traditionele Nederlandse trio « aardappelen - groente - vlees ».

22-07-2003

Het dorp nu

Saint-Laurent is gelegen in het noorden van het departement Meuse, niet ver van de grens met België. Voor Franse begrippen is het een dorp van redelijke omvang met 515 inwoners (januari 2009). In 1990 waren dat er nog slechts 377, terwijl er in 1820 zelfs 780 inwoners waren (voor meer demografische gegevens zie INSEE). Het is een zelfstandige gemeente die deel uitmaakt van het canton Spincourt. Wat voorzieningen betreft zijn er een school met twee klassen (52 leerlingen in 2005-2006), een postagentschap en een bakkerij. Door het jaar heen worden er voor en door de bewoners allerlei activiteiten georganiseerd zoals het vuurwerk op Quatorze Juillet, carnaval, Sinterklaas - de patroonheilige van Lotharingen - een rommelmarkt, en allerlei uitstapjes. Ook is er een voetbalveld, een tennisbaan en wat speeltoestellen voor de kleintjes. In het dialect wordt het dorp « Si Laura » genoemd, en de inwoners dragen de naam « Grous das » (Grosses dents - Grote tanden).

De gemeente beslaat een totale oppervlakte van 1600 hectare, waarvan ruim een kwart bos. De meeste Lotharingse dorpen worden gekenmerkt door een geconcentreerde bebouwing waarbij de huizen en boerderijen tegen elkaar zijn gebouwd langs de weg, een zogeheten « village rue ». Ook in Saint-Laurent is dit het geval maar het is niettemin een vrij uitgestrekt dorp. Het is hoog gelegen boven het dal van de Othain op 232 m. en omgeven door akkers, weilanden en bos. De onderstaande ansichtkaart geeft een goede indruk van de ligging van het dorp.

Sinds de negentiende eeuw heeft het Franse platteland te kampen met een sterke ontvolking, de « exode rural ». Van overheidswege wordt er dan ook veel gedaan om het platteland leefbaar te houden in economisch, sociaal en cultureel opzicht. Maar uiteindelijk staat of valt alles met werkgelegenheid en die is er in de regio maar bitter weinig, met name sinds de teloorgang van de Lotharingse staalindustrie in de jaren 1960. De « Écoscopie de la Meuse » geeft meer inzicht in de huidige stand van zaken op sociaal-economisch terrein. Saint-Laurent heeft nog altijd een sterk agrarisch karakter met verschillende actieve boerenbedrijven. Veel inwoners werken elders, zelfs over de landsgrenzen. Niettemin is er relatief veel jeugd en zijn er de laatste paar jaar een aantal nieuwe huizen gebouwd. En ook heeft het café « Le Rallye » in 2007 weer een nieuwe uitbaatster gevonden. Voorwaar een goed teken!

De belangrijkste bezigheid van met name gepensioneerden is de moestuin waar groenten en bloemen worden geteeld; samen met het weer is dit vaak het gesprek van de dag. Begrijpelijk, want men moet er wel van eten! Sommigen hebben ook nog wat kippen en konijnen. Ook deze verdwijnen bijna zonder uitzondering in de pan. Er zijn zelfs specifieke regionale rassen zoals de « poule meusienne » en de « papillon lorrain ». Hengelen is ook een geliefde bezigheid van veel plattelandsbewoners. Buiten het dorp bevinden zich « les Etangs de Mi-Puits » waar zelfs een voorziening voor gehandicapten is.

21-07-2003

Het dorp toen

De bewoning van Saint-Laurent en omgeving gaat terug tot in de Gallo-Romeinse tijd. Aan de overzijde van de rivier - op de côte du Châtelet - zijn resten van bewoning gevonden uit deze periode die zijn geclasseerd als historisch monument. Deze bestaan uit een castellum dat werd versterkt in de 3e eeuw, een crematieplaats uit de 1e eeuw, en een begraafplaats uit de Merovingische periode (tussen 450 en 751). Verder zijn er munten, bewerkte stenen en resten van beeldjes gevonden. De opgravingen vonden plaats in de jaren 1929-1930 en de verslaglegging hiervan - inclusief kaarten, tekeningen en foto's - bevindt zich in de bibliotheek van het Institut de France in Parijs. Een aantal objecten worden bewaard in het Musée de la Princerie in Verdun.

In het Bulletin de la Société Préhistorique Française (vol. 26 [1929], no. 10, pp. 481-492) wordt in de rubriek « Nouvelles diverses » verslag gedaan van deze opgravingen:

« L'Administration des Beaux-Arts fait actuellement procéder à Saint- Laurent-sur-Othain (Meuse) à d'importantes fouilles archéologiques.
C'est notre excellent Collègue G. Chenet, du Claon, qui en assure la direction scientifique; M. Marcel Delangle, architecte des Monuments historiques lui est adjoint pour la partie technique.
Au lieudit le Châtelet des substructions gallo-romaines d'un grand monument sont entièrement dégagées : de nombreux fragments de sculptures et de bas-reliefs ont été recueillis, certains de belle conservation sont de grand intérêt.
Un puits muré a été fouillé déjà jusqu'à 30 mètres ; il a livré divers objets et des débris de sculptures des plus intéressants.
M. G. Chenet a commencé aussi l'étude, sur le flanc du « Châtelet » d'une vaste nécropole mérovingienne. Les travaux se poursuivent avec activité. »


Een jaar later meldt Chenet in Comptes-rendus des séances de l'Académie des Inscriptions et Belles-Lettres, 74e année, N. 1, 1930. pp. 27-28 dat het zou gaan om een verdedigingswerk uit de derde eeuw van een zeer bijzonder type: een meerzijdige omwalling waarin zich een grote put en de basis van een uitkijk- of verdedigingstoren bevond. Deze « burcht » zou deel hebben uitgemaakt van een linie om de verbindingsweg te verdedigen van de grote wegen tussen Reims en de Argonne naar het Rijngebied. Er zijn onder meer munten en het mondstuk van een bronzen militaire trompet gevonden. De burcht werd waarschijnlijk verwoest tijdens de grote invasie van de Germanen in de jaren 275-276.

Een kaart van het bisdom Verdun uit 1656 (Nicolas Sanson) maakt al gewag van Saint-Laurent. Voor 1790 behoorde het dorp bij Frans Luxemburg, de zogeheten « terre commune », en viel onder de proosdij van Marville en het diocees van Trier. Tot die tijd was de wereldlijke en kerkelijke heerschappij in de regio uitermate complex, maar vanaf 1790 hoort Saint-Laurent definitief bij Frankrijk, en was zelfs hoofdplaats van een canton tussen 1790 en 1800.


De kaarten van Cassini dateren uit de 18de eeuw en werden geroemd om hun kwaliteit. Om Saint-Laurent-sur-Othain te vinden klik op « rechercher un lieu », vervolgens halverwege in het pop up menu de plaatsnaam intikken, dan klikken op « rechercher » en in het vak eronder verschijnt in rood de plaatsnaam, op de plaatsnaam klikken en daarna op « carte ».

Het oude feodale kasteel is verdwenen, maar er zijn nog verscheidene huizen uit de 18e en 19e eeuw; het jaartal is boven de deur uitgehouwen. De kerk dateert uit 1808, maar het portaal en de toren uit 1790. Van de kapellen resteren nog Notre-Dame de Bon Secours (met een beeld van Saint-Donat die beschermt tegen onweer) op de weg naar Marville, en Notre-Dame de Luxembourg uit 1737 waarvan de gebrandschilderde ramen jammerlijk vernield zijn.

Beelden van toen

In vroeger tijden werden op het platteland vrijwel uitsluitend portretten en groepsfoto's gemaakt voor speciale gelegenheden, maar ook dorpstaferelen en ambachten waren een geliefd onderwerp. Om een indruk te krijgen van het dorpsleven zijn oude ansichtkaarten een goede informatiebron en daarom ook een gewild verzamelobject. Deze kaart dateert uit de periode 1900-1914.

De scheidslijn tussen toen en nu is niet altijd duidelijk te trekken, met name in een dorp waar ogenschijnlijk de tijd lang heeft stilgestaan. Niettemin zijn er veel veranderingen in het dorpsleven op allerlei vlak, maar het verleden heeft een aantal stille getuigen...

De kerk

Boven het ingangsportaal van de kerk staat een inscriptie die refereert aan de Franse Revolutie. De godsdienst werd afgeschaft, er vond een ware beeldenstorm plaats en de kerk werd een « Temple de la Raison ». De kerk van Saint-Laurent is de enige in Frankrijk waar dit nog duidelijk te zien is. De patroonheilige is vanzelfsprekend Sint Laurentius, die onder meer de bibliothecarissen onder zijn hoede heeft.

De arme Laurentius kwam droevig aan z'n eind, hij werd levend geroosterd op 10 augustus in het jaar 258. Rond deze datum wordt jaarlijks het dorpsfeest - fête patronale - gehouden. Bekende uitdrukkingen die verwijzen naar deze patroonheilige zijn:


  • Saint Laurent partage l'été par le milieu
  • Quand il pleut à la Saint Laurent, la pluie vient assez à temps
  • De la Saint Laurent à Notre Dame, la pluie n'afflige pas l'âme.

De kapel

De kapel Notre-Dame de Luxembourg dateert uit 1737 en is gewijd aan Onze Lieve Vrouwe, Troosteres der Bedroefden. Deze kapel, die buiten het dorp aan de weg naar Noers is gelegen, is al lang buiten gebruik en helaas ten prooi gevallen aan vandalen. Van de mooie gebrandschilderde ramen is niets meer over...

De molen

Vlak voor de brug over de Othain ligt een oude watermolen. Op de foto is te zien dat dit soms heel letterlijk te nemen valt, aangezien de rivier in regenrijke jaargetijden flink buiten zijn oevers kan treden. Er ontstaan dan uitgestrekte watervlakten en in het ernstigste geval wordt zelfs de weg naar Noers afgezet aangezien er dan geen verkeer mogelijk is.

De wasplaats

Tegenwoordig heeft ieder huishouden een wasmachine, maar vroeger waren er « lavoirs », publieke wasplaatsen. Deze waren overdekt en voorzien van een grote bak met koud stromend water waarin de was op « ambachtelijke wijze » werd gedaan. Voor de vrouwen was dit een uitgelezen gelegenheid voor kletsen en roddelen. In het noorden van de Meuse zijn er nog verscheidene intact en gerestaureerd. Sommige zijn heel speciaal, zoals in Lissey met het gemeentehuis boven de wasplaats, en in Halles-sous-les Côtes die lijkt op een Griekse tempel. Deze eenvoudige wasplaats in Saint-Laurent heeft een mooie dakbedekking uit gehouwen steen en is gebouwd rond 1860 volgens het tunnelprincipe. De monumentale wasplaats in Billy-les-Mangiennes huisvest een permanente expositie, en is het startpunt van een circuit.

Meer interessante historische informatie is te vinden op de webstek van het naburige dorp Sorbey.

Voor plaatjes uit de oude doos klik hier.