Posts tonen met het label natuur. Alle posts tonen
Posts tonen met het label natuur. Alle posts tonen

19-04-2012

Le printemps est arrivé

Ook al heeft het alom bekende liedje ‘Le printemps’ van Michel Fugain een heel hoog flower-power-gehalte, het is gewoon waar dat het voorjaar een hoop nieuwe energie losmaakt. Veel mensen zijn na de winter ongeduldig en kunnen niet wachten met het werk in de tuin. Spitten, zaaien, poten, snoeien en andere werkzaamheden zijn activiteiten die de ‘tuinspieren’ weer gaan activeren.

Op het Franse platteland is jardin altijd synoniem voor groentetuin want die geeft je tenminste te eten. De bloemetjes zijn ook populair maar komen toch op de tweede plaats. Voor het eenjarige (perk)goed is het nog een beetje vroeg maar als je momenteel bloemen wilt zien dan moet je naar het bos gaan. Omdat de bomen nog niet volledig in blad zijn kan het zonlicht nog goed doordringen tot de onderbegroeiing. En daar profiteren de voorjaarsbloeiers volop van! Met name de witte bosanemoon, sleutelbloem en pinksterbloem vormen uitgestrekte kleurige velden van witte, gele en violette bloemen.

Traditiegetrouw wordt er in het voorjaar grote schoonmaak gehouden. In Saint-Laurent heeft men zich dit jaar niet beperkt tot de huizen maar is er buiten ook van alles gebeurd. De lange rij populieren aan de rivier die zo goed de noordenwind tegenhield, heeft het veld moeten ruimen. Het staat een beetje kaal maar de peppel heeft nu eenmaal een korte levensduur. Daartegenover staat dat nu het uitzicht op het dal en de velden achter de huizen heel mooi is geworden en dat is ook wel wat waard. De vraag is wel of er weer nieuwe bomen zullen worden geplant.

01-05-2011

Waarom...

...zijn de bananen krom? Dit klinkt als de klassieke stomme vraag maar in wezen betekent het dat niet alle vragen beantwoord kunnen worden. Zoiets als « waarom? daarom! ».

De foto geeft al aan waar het in dit stukje over gaat: planten, bloemen, en tuinen. En de passie hiervoor is in wezen niet te verklaren en sterker dan jezelf. Bovendien is die passie niet te stuiten, oneindig, en vul maar aan met gepsychologiseer van de koude grond (om in tuin-termen te blijven). Want ondanks een mooie tuin in Limburg waar van alles in gebeurt, is het onmogelijk om in Frankrijk niet in de aarde te wroeten. Het voortuintje is nota bene onttrokken aan het gemeentelijke grondbezit, evenals de border tegen de achtergevel.

De vliegende start van het voorjaar heeft er voor gezorgd dat alles er geweldig bijstaat. De tuingeraniums beginnen in bloei te komen, evenals de klimrozen, de smeerwortel staat er prachtig bij en de takken van de sering buigen door onder het gewicht van de bloemen. De aanplant in de border is de winter goed doorgekomen en wordt nog aangevuld met een wilde wingerd (die prachtig rood verkleurt in het najaar) en een gele roos.

In feite is de natuur ook een heel grote tuin, hoewel iets minder getemd en gevormd door de betweterige mens. De orchideeën die te zien zijn op de foto rechtsonder zijn waarschijnlijk de vroegbloeiende orchis militaris, het soldaatje. Deze groeien op een prachtig stuk kalkgrasland, op een heuvel boven Grand-Failly. Een lokale plantenfanaat heeft zelfs een blog hieraan gewijd en zij is een van de weinigen die weet hoe je op deze plek kunt komen. Zodat niet al dit moois wordt geplukt en vertrapt...

30-06-2010

Ongewenst bezoek

Een paar jaar geleden heeft er eens een groot bijennest gezeten achter een van de luiken boven. Ze zaten daar natuurlijk lekker rustig verscholen zonder van iets of iemand last te hebben. Toch moesten ze het veld ruimen aangezien zo'n bijenkolonie niet echt een pretje is.

Vorig jaar zat er een andersoortig nest achter de luiken van de salon. Bijna zo groot als een volleybal maar zonder bewoner(s). Bij het verwijderen bleek dat het niet om bijen kon gaan want er waren geen honingraten. Het materiaal leek wel vloeipapier, heel mooi gemaakt. Nu zat er weer - op dezelfde plaats - een dergelijk nest, maar dan vele malen kleiner. Het was zo groot als een pingpongbal, met een gaatje aan de onderkant. Nu was er wel een bewoner want een wesp ging er voortdurend in en uit. Tja, wat te doen, wespen zijn geen echte mensenvrienden dus werd de spuitbus maar gehanteerd en het nest verwijderd. Dat had effect en de wesp is niet meer gesignaleerd...

Behalve wat ijverige mieren - die driftig « bepoedersuikerd » zijn, hebben we gelukkig nooit last van hinderlijk ongedierte. Dus geen rellende muizen op zolder, ratten in de kelder, of vleermuizen die je in de haren vliegen.

24-02-2007

Indrukwekkende vogels

Vooral in februari-maart heeft men de kans om tijdens de vogeltrek de kraanvogel waar te nemen. Zij hebben de vochtige gebieden van de Woëvre uitgekozen als verblijf tijdens hun trek van de Baltische kust naar Spanje, of zelfs voor overwintering. Omdat zij erg schuw zijn kunnen ze het beste tijdens de vlucht worden geobserveerd, zoals ik deed op Aswoensdag 2007 in Saint-Laurent, of vanuit de observatiehut in Billy-lès-Mangiennes. Meer informatie is te vinden op de website Meuse-Ardennes-Argonne. De LPO (Ligue pour la protection des oiseaux) houdt dagelijks de trek van de kraanvogels bij op basis van waarnemingen in verschillende landen.

Een filmpje gemaakt in Grand-Failly op 23 februari 2011 geeft een goede indruk van de omvang van de zwermen en de herrie die de vogels maken. Het Lac du Der in de Champagne is een van de belangrijkste etappeplaatsen voor de kraanvogels en veel vogelliefhebbers komen ze hier observeren (filmpje). Heel uitzonderlijk is een filmpje met een Bulgaars liedje waarin een vrouw de kraanvogels voert!

Een andere opvallende verschijning in de Meuse is de witte ooievaar die hier een geweldige biotoop vindt met veel grasland en grote vijvers. In Damvillers en Réville-aux-Bois staan volières met nesten om de herintroductie van de ooievaar te bevorderen. Overdag zwermen ze uit in de regio en kunnen ze her en der worden geobserveerd tijdens het fourageren. In april 2011 is er een koppel ooievaars neergestreken op een lichtmast in Vittarville. Na een eerdere poging heeft het EDF de mast beveiligd om ongelukken te voorkomen. Ook komen er zwarte ooievaars voor.

30-04-2006

Naar buiten

Na de lange winter was het eindelijk zonnig en voorjaarsachtig in de Paasvacantie, die dit jaar laat viel. Redenen genoeg dus om erop uit te trekken en te genieten. Vanuit het dorp werden dus de paden verkend richting respectievelijk Sorbey en Grand-Failly. Quel bonheur! Het was niet alleen zonnig en warm - met af en toe een zacht verfrissend zuchtje lentewind - maar ook de natuur had volop troeven in petto.

In de berm van het pad bij de kapel Notre-Dame-de-Luxembourg stond een woud aan stinkend nieskruid (Helleborus foetidus L.) te bloeien. Een grote, opvallende plant met een groene bloem die zich op kalkrijke grond thuisvoelt en in Nederland uiterst zeldzaam is. Iets verder kwam een vos de bocht van het pad om, stond stil en was meteen weer verdwenen in het struweel. Geen tijd voor een foto dus!

Verder langs de « Chemin des moines » richting Sorbey waren er nog genoeg andere planten te zien, zoals het lieflijke maarts viooltje (Viola odorata L.) dat talrijk bloeide en eveneens typisch voor de streek is. En niet te vergeten het landschap van de vallei van de Othain ...

De volgende wandeling naar Grand-Failly had ook volop verrassingen in petto. Wat te denken van het prachtige en zeer zeldzame wildemanskruid (Pulsatilla vulgaris) en de knalgele dotterbloem (Caltha palustris L.)? Deze laatste groeit uitsluitend in zeer schoon ondiep water dat vrij moet zijn van bestrijdingsmiddelen. En tegen een zonnig talud groeide ook een overvloed aan cypreswolfsmelk (Euphorbia cyparissias L.), een andere typische plant van de kalkgraslanden.

Ook tijdens deze wandeling was het landschap stil en vredig. Vers geploegde akkers, wat kwinkelierende vogels, een suffige koe: wat wil je eigenlijk nog meer?

09-06-2005

De bijenkorf

In eerste instantie zag het er onschuldig uit, maar het bleek een heuse plaag! Een bijenvolk had zich geïnstalleerd achter de luiken van een bovenraam en in een paar dagen tijd een flinke honingraat gemaakt. Een imker moest er aan te pas komen om ze uit te roken en de koningin te vangen.

25-07-2003

Natuur

Het symbool van Lotharingen is de distel, de « chardon lorrain ». Deze is ondermeer terug te vinden in het logo van het regionale natuurpark, in de decoratieve kunst, maar bijvoorbeeld ook op oude inmaakbokalen en zelfs een postzegel. En natuurlijk groeien er volop verschillende soorten langs de wegen in de bermen.

In het voorjaar is de natuur op zijn mooist in de Meuse. Niet zo verwonderlijk want na de kale winter begint alles weer uit te lopen en is er overal bloesem. De opvallendste eerste bloeiers zijn de wilde kornoelje (cornus mas) met zijn tere gele bloempjes, in de bermen de sleutelbloem - die lokaal « coucou » wordt genoemd - en de witte bosanemoon. En niet te vergeten de witte bloesem van de sleedoorn en de krentenboompjes.

Saint-Laurent is omgeven door akkers, weiden en bossen. De keuterboeren van weleer zijn verdwenen en de moderne land- en bosbouw maakt gebruik van hedendaagse middelen en technieken. Toch is er langs de weg naar Marville nog een lapje verarmde kalkgrond dat voor boeren niet interessant is. Maar des te meer voor botanici die er orchideeën en een keur aan andere bijzondere planten kunnen ontwaren.

De kalkgraslanden zijn een interessant fenomeen waar vele zeldzame planten en insecten te vinden zijn. Deze natuurterreinen liggen verspreid over de regio en worden zorgvuldig beheerd. In Villécloye bij Montmédy ligt op een zonnige helling een kalkgrasland dat beheerd wordt door het Conservatoire des sites lorrains. Het loont zeer de moeite om hier in mei of juni naartoe te gaan voor de vele bijzondere planten en de mooie vergezichten. Daarna zijn de orchideeën uitgebloeid en worden de schapen losgelaten om te « maaien ». Ook in Charency-Vezin en Torgny (B) zijn er kleine natuurreservaten die erg interessant zijn. De bossen en natte gebieden in het kanton Spincourt vallen onder de speciale bescherming van het Europese project Natura 2000.

Floraine, de vereniging van Lotharingse botanici, heeft in 2002 een project opgestart dat de regionale flora in kaart brengt, met het doel deze te inventariseren en waar nodig te beschermen. In 2013 heeft dit geresulteerd in de publicatie van een kloeke atlas waarin 1800 plantensoorten beschreven staan.

Behalve de alom bekende zangvogels zijn er een aantal opvallende verschijningen. De streek rond Saint-Laurent is geliefd bij de ooievaar om te paren en te nestelen en de kraanvogel om te overwinteren, respectievelijk in Damvillers en Billy-les-Mangiennes waar voorzieningen zijn ingericht waar zij ongestoord hun gang kunnen gaan. De kerkuil oftewel « chouette » huist graag in kerktorens en schuren in de dorpen. Met zijn gekrijs en andere vreemde geluiden maakt hij menigeen 's avonds aan het schrikken. De rode wouw is een van de vele soorten roofvogels die over het land scheren op zoek naar prooi. De wielewaal tenslotte verbaast met zijn knalgeel verenkleed maar of hij ook « dudeljo » zingt in het Frans is niet duidelijk...

De Meuse is zeer bosrijk en daarom aantrekkelijk voor wild zoals reeën, wilde zwijnen en vele andere dieren. Helaas zijn de Fransen geboren jagers en van oktober t/m februari wordt er flink geknald. Ook wandelaars moeten dan op hun hoede zijn! Een vredelievender tijdverdrijf is het zoeken van paddestoelen. Bekende soorten zijn de weidechampignon, de cantharel, de boleet en de « trompette de mort ». Apothekers kunnen uitsluitsel geven of de oogst al dan niet giftig is. Opgelet dus!

Meer informatie