Posts tonen met het label flora. Alle posts tonen
Posts tonen met het label flora. Alle posts tonen

06-06-2011

Op hoop van regen

De klaproos met zijn intens rode kleur is een vrolijke verschijning in de bermen en langs de akkerranden. Overal in de Meuse staan ze nu volop te bloeien en stellen door hun grote aantal de andere veldbloemen in de schaduw. Met name waar de bermen al gemaaid zijn. De kleurige « coquelicot » is doorgaans de voorbode van de zomer en je krijgt spontaan zin in vacantie.

Dit jaar echter heeft de zomer al heel vroeg ingezet met als gevolg een groot tekort aan water door een achterblijvende regenval. Voor stedelingen is dit wellicht een weinig interessant onderwerp maar voor de plattelandsbevolking is de vroege droogte van het hoogste belang. Juist als de gewassen op het land moeten gaan ontkiemen en groeien blijft de broodnodige regen achterwege met nefaste gevolgen. In de tuinen - voor de Fransen is « jardin » synoniem aan « moestuin » - staat alles er maar pierig bij en dat betekent dat men groente in de winkel zal moeten kopen en geen voorraad voor de winter kan aanleggen. Een lokale ervaringsdeskundige vertelt op haar blog haar ervaringen over het weer en haar tuin.

Voor de boeren kan het nog rampzaliger worden als het weer niet omdraait. Zij hebben veel geïnvesteerd en als de oogst tegenvalt hebben ze onvoldoende rendement. En dit heeft dan ook zijn weerslag op de prijzen voor de consument. Er wordt vaak gezegd dat boeren altijd klagen, maar men moet niet vergeten dat zij afhankelijk zijn van de grillen van de natuur en regelrecht de gevolgen van de klimaatverandering ondervinden. En bovendien zijn zij degenen die ons voedsel produceren! Dus laat het maar snel gaan regenen opdat de tuinen, akkers en velden geen dorre vlakten worden...

01-05-2011

Waarom...

...zijn de bananen krom? Dit klinkt als de klassieke stomme vraag maar in wezen betekent het dat niet alle vragen beantwoord kunnen worden. Zoiets als « waarom? daarom! ».

De foto geeft al aan waar het in dit stukje over gaat: planten, bloemen, en tuinen. En de passie hiervoor is in wezen niet te verklaren en sterker dan jezelf. Bovendien is die passie niet te stuiten, oneindig, en vul maar aan met gepsychologiseer van de koude grond (om in tuin-termen te blijven). Want ondanks een mooie tuin in Limburg waar van alles in gebeurt, is het onmogelijk om in Frankrijk niet in de aarde te wroeten. Het voortuintje is nota bene onttrokken aan het gemeentelijke grondbezit, evenals de border tegen de achtergevel.

De vliegende start van het voorjaar heeft er voor gezorgd dat alles er geweldig bijstaat. De tuingeraniums beginnen in bloei te komen, evenals de klimrozen, de smeerwortel staat er prachtig bij en de takken van de sering buigen door onder het gewicht van de bloemen. De aanplant in de border is de winter goed doorgekomen en wordt nog aangevuld met een wilde wingerd (die prachtig rood verkleurt in het najaar) en een gele roos.

In feite is de natuur ook een heel grote tuin, hoewel iets minder getemd en gevormd door de betweterige mens. De orchideeën die te zien zijn op de foto rechtsonder zijn waarschijnlijk de vroegbloeiende orchis militaris, het soldaatje. Deze groeien op een prachtig stuk kalkgrasland, op een heuvel boven Grand-Failly. Een lokale plantenfanaat heeft zelfs een blog hieraan gewijd en zij is een van de weinigen die weet hoe je op deze plek kunt komen. Zodat niet al dit moois wordt geplukt en vertrapt...

30-04-2006

Naar buiten

Na de lange winter was het eindelijk zonnig en voorjaarsachtig in de Paasvacantie, die dit jaar laat viel. Redenen genoeg dus om erop uit te trekken en te genieten. Vanuit het dorp werden dus de paden verkend richting respectievelijk Sorbey en Grand-Failly. Quel bonheur! Het was niet alleen zonnig en warm - met af en toe een zacht verfrissend zuchtje lentewind - maar ook de natuur had volop troeven in petto.

In de berm van het pad bij de kapel Notre-Dame-de-Luxembourg stond een woud aan stinkend nieskruid (Helleborus foetidus L.) te bloeien. Een grote, opvallende plant met een groene bloem die zich op kalkrijke grond thuisvoelt en in Nederland uiterst zeldzaam is. Iets verder kwam een vos de bocht van het pad om, stond stil en was meteen weer verdwenen in het struweel. Geen tijd voor een foto dus!

Verder langs de « Chemin des moines » richting Sorbey waren er nog genoeg andere planten te zien, zoals het lieflijke maarts viooltje (Viola odorata L.) dat talrijk bloeide en eveneens typisch voor de streek is. En niet te vergeten het landschap van de vallei van de Othain ...

De volgende wandeling naar Grand-Failly had ook volop verrassingen in petto. Wat te denken van het prachtige en zeer zeldzame wildemanskruid (Pulsatilla vulgaris) en de knalgele dotterbloem (Caltha palustris L.)? Deze laatste groeit uitsluitend in zeer schoon ondiep water dat vrij moet zijn van bestrijdingsmiddelen. En tegen een zonnig talud groeide ook een overvloed aan cypreswolfsmelk (Euphorbia cyparissias L.), een andere typische plant van de kalkgraslanden.

Ook tijdens deze wandeling was het landschap stil en vredig. Vers geploegde akkers, wat kwinkelierende vogels, een suffige koe: wat wil je eigenlijk nog meer?

25-07-2003

Natuur

Het symbool van Lotharingen is de distel, de « chardon lorrain ». Deze is ondermeer terug te vinden in het logo van het regionale natuurpark, in de decoratieve kunst, maar bijvoorbeeld ook op oude inmaakbokalen en zelfs een postzegel. En natuurlijk groeien er volop verschillende soorten langs de wegen in de bermen.

In het voorjaar is de natuur op zijn mooist in de Meuse. Niet zo verwonderlijk want na de kale winter begint alles weer uit te lopen en is er overal bloesem. De opvallendste eerste bloeiers zijn de wilde kornoelje (cornus mas) met zijn tere gele bloempjes, in de bermen de sleutelbloem - die lokaal « coucou » wordt genoemd - en de witte bosanemoon. En niet te vergeten de witte bloesem van de sleedoorn en de krentenboompjes.

Saint-Laurent is omgeven door akkers, weiden en bossen. De keuterboeren van weleer zijn verdwenen en de moderne land- en bosbouw maakt gebruik van hedendaagse middelen en technieken. Toch is er langs de weg naar Marville nog een lapje verarmde kalkgrond dat voor boeren niet interessant is. Maar des te meer voor botanici die er orchideeën en een keur aan andere bijzondere planten kunnen ontwaren.

De kalkgraslanden zijn een interessant fenomeen waar vele zeldzame planten en insecten te vinden zijn. Deze natuurterreinen liggen verspreid over de regio en worden zorgvuldig beheerd. In Villécloye bij Montmédy ligt op een zonnige helling een kalkgrasland dat beheerd wordt door het Conservatoire des sites lorrains. Het loont zeer de moeite om hier in mei of juni naartoe te gaan voor de vele bijzondere planten en de mooie vergezichten. Daarna zijn de orchideeën uitgebloeid en worden de schapen losgelaten om te « maaien ». Ook in Charency-Vezin en Torgny (B) zijn er kleine natuurreservaten die erg interessant zijn. De bossen en natte gebieden in het kanton Spincourt vallen onder de speciale bescherming van het Europese project Natura 2000.

Floraine, de vereniging van Lotharingse botanici, heeft in 2002 een project opgestart dat de regionale flora in kaart brengt, met het doel deze te inventariseren en waar nodig te beschermen. In 2013 heeft dit geresulteerd in de publicatie van een kloeke atlas waarin 1800 plantensoorten beschreven staan.

Behalve de alom bekende zangvogels zijn er een aantal opvallende verschijningen. De streek rond Saint-Laurent is geliefd bij de ooievaar om te paren en te nestelen en de kraanvogel om te overwinteren, respectievelijk in Damvillers en Billy-les-Mangiennes waar voorzieningen zijn ingericht waar zij ongestoord hun gang kunnen gaan. De kerkuil oftewel « chouette » huist graag in kerktorens en schuren in de dorpen. Met zijn gekrijs en andere vreemde geluiden maakt hij menigeen 's avonds aan het schrikken. De rode wouw is een van de vele soorten roofvogels die over het land scheren op zoek naar prooi. De wielewaal tenslotte verbaast met zijn knalgeel verenkleed maar of hij ook « dudeljo » zingt in het Frans is niet duidelijk...

De Meuse is zeer bosrijk en daarom aantrekkelijk voor wild zoals reeën, wilde zwijnen en vele andere dieren. Helaas zijn de Fransen geboren jagers en van oktober t/m februari wordt er flink geknald. Ook wandelaars moeten dan op hun hoede zijn! Een vredelievender tijdverdrijf is het zoeken van paddestoelen. Bekende soorten zijn de weidechampignon, de cantharel, de boleet en de « trompette de mort ». Apothekers kunnen uitsluitsel geven of de oogst al dan niet giftig is. Opgelet dus!

Meer informatie