Posts tonen met het label geschiedenis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label geschiedenis. Alle posts tonen

15-02-2014

Montmédy

De citadel van Montmédy is ontegenzeggelijk een van de meest historische plekken in het noorden van de Meuse. Eeuwen geleden gebouwd door Vauban als een vesting op een strategische gelegen heuveltop, heeft het tot in de vorige eeuw dienst gedaan als militair verdedigingswerk.

Door de jaren heen is het immense bouwwerk behoorlijk in verval geraakt. Gelukkig zijn er tegenwoordig verschillende organisaties die zich bekommeren om het onderhoud van het bijzondere erfgoed, en samen met particuliere huiseigenaren en overheden wordt er hard gewerkt om de citadel in stand te houden. Restauratie van de gebouwen, leefbaarheid voor de bewoners, en bevorderen van toerisme zijn hierbij de belangrijkste doelstellingen.

Wat velen niet weten is dat in het begin van de jaren 1970 elk jaar een groep Nederlanders naar Montmédy kwam om er te werken. Daarbij ging het vooral om de vesting vrij te maken van allerlei wilde begroeiing zodat alles weer goed tot zijn recht kon komen. Maar ook werden vervallen onderdelen hersteld. Nu vele jaren later is er een blog waar de herinneringen aan die zomerkampen boven water worden gehaald. Heel erg leuk om te lezen en te bekijken!

19-01-2014

La Grande Guerre

Dit jaar is het honderd jaar geleden dat de eerste wereldoorlog losbarstte. De herinnering hieraan is vandaag de dag nog altijd duidelijk aanwezig in het noorden van de Meuse aangezien dit gebied in de frontlinies lag. De eerste confrontaties tussen de Franse en Duitse legers vonden plaats rond Saint-Laurent. De oorlog richtte enorme verwoestingen aan en had een grote impact op de streek.

Een Franse soldaat geeft in zijn dagboek een ooggetuigeverslag van de vlucht van de dorpsbewoners vanwege het oprukken van de Duitse troepen (zie foto), eind augustus 1914. Uiteindelijk vonden zij in het zuiden van de Meuse een veiliger onderdak.

« Die avond keren we terug naar Longuyon om tegen middernacht weer te vertrekken zonder een moment geslapen te hebben. We gaan ons kamp opslaan in Saint-Laurent-sur-Othain op 9 kilometer van Longuyon, waar Generaal B. het bevel krijgt om het commando over te geven aan Generaal M.

De terugtrekking verloopt in goede orde, zonder verlies van wagens of kanonnen. En tot aan 11 september word er onophoudelijk slag geleverd. Voetje voor voetje trekken wij ons terug en moeten we terrein prijs geven, maar niet zonder grote verliezen toe te brengen aan de vijand. En we hebben pijn in het hart zonder te weten wat er gaande is rond deze terugtrekking die pas later kan worden verklaard.

Vanuit Saint-Laurent gaan we naar Dombras en vervolgens naar Merles (buurdorpen in de richting van Damvillers). De regimenten die opnieuw gegroepeerd en beter onder controle zijn, strijden zonder zwakte te tonen.

De radeloze inwoners versperren de wegen met hun karren waarop de vrouwen en kinderen zitten met matrassen, dekbedden en allerhande spullen die hen veeleer tot last zijn. Een boerenvrouw, met haar dochter achter zich aan, droeg drie hoeden die zo groot zijn als kerkklokken, een blauwe parasol en een paraplu. De dochter trok een koe voort aan een touw, en een kalfje van een maand oud trippelde er achteraan.

Voertuigen in allerlei soorten en maten, volgepropt met van alles en nog wat, reden maar door en blokkeerden de colonnes soldaten en artillerie en verlammen het doormarcheren van de konvooien.

De mensen huilden omdat ze in hun wanhoop alles achter hadden gelaten; de meesten hadden hun koeien in de stal gelaten en de varkens opgesloten. Het schouwspel van het verlaten van de dorpen was intriest. En de arme mensen draaiden zich telkens om en probeerden hun kerktoren nog te ontwaren, terwijl de ontploffingen van de granaten witte wolkjes in de lucht maakten. »

Meer hoef je eigenlijk niet te zeggen…

01-11-2011

De Grande Rue een eeuw geleden

De Grande Rue in de tijd dat er nog geen electriciteit was, aan het begin van de twintigste eeuw. Rechts voor het huis met gesloten luiken zijn een meisje en een kip te zien. Het is opvallend dat de ruimte voor het huis - het usoir - zo netjes en opgeruimd is. Waarschijnlijk omdat er geen inpandige stal is en de verdieping uitsluitend voor opslag van hooi werd gebruikt.


Deze foto toont een deel van de Grande Rue meer in de richting van Moscou. Het valt op dat er inmiddels electriciteit in het dorp was aangelegd. Het huis rechts staat er nog altijd en is een van de grotere panden van het dorp.


Een boerentafereel nog iets hogerop in de Grande Rue. Traditioneel werden de koeien altijd op stal gemolken waardoor er een voortdurend « va-et-vient » was van dieren. Het voordeel van deze methode was dat de mest meteen op de pluis voor de boerderij kon worden gegooid. En het nadeel is evident...


Ook deze kiek is gemaakt bovenaan de Grande Rue, maar dan in de richting van de kerk. Aan het uithangbord te oordelen is in het grote huis rechts een paardenhandelaar of hoefsmid gevestigd.

Illustere figuren

Frankrijk eert haar helden, want die strelen de nationale trots. Saint-Laurent kent slechts een klein aantal « historische figuren », één daarvan is Colonel Jean Reder van wie verder niets bekend is. Meer onderzoek is dan ook geboden. Naar hem is een klein straatje vernoemd waar vroeger een kleuterschool was en tegenwoordig bakkerij Anastasi is gevestigd.

De familie de Looz-Corswarem is een adelijk geslacht uit België, met vertakkingen naar Frankrijk en Duitsland. Leden van deze familie droegen de titel van hertog of prins. In de periode tussen grofweg 1880 en 1970 heeft een tak van deze familie in Saint-Laurent gewoond. Prins Camille de Looz-Corswarem (1853-1929) trouwde er in 1906 met Marie Féron, afkomstig uit het dorp. Er zijn verschillende geboorten, sterfgevallen en huwelijken geregistreerd in Saint-Laurent maar vooralsnog zijn er veel onduidelijkheden over deze familie. Enig speurwerk zal meer duidelijkheid moeten scheppen.

Prosper Rachon werd in 1830 geboren in Saint-Laurent als telg uit oude Lotharingse families. Hij overleed in 1922 in het naburige Saint-Jean-lès-Longuyon.

Als jezuïet was hij vanzelfsprekend actief in het onderwijs. Hij werkte niet alleen als onderwijzer op de school van Marville, maar doceerde ook aan colleges in Parijs en Amiens. «Le Révérend Père Rachon» zoals hij genoemd werd was ook lid van academische genootschappen en begiftigd met verschillende kerkelijke onderscheidingen, onder meer voor betoonde moed tijdens de eerste wereldoorlog.

Een volgende historische figuur is Jean-Pierre Henry, geboren in 1757 en telg uit een familie van wevers. Zijn geboortehuis staat er nog, in de straat die naar hem genoemd is. Tegenwoordig is het huis onbewoonbaar en de herinneringsplaquette op de gevel is zeer bescheiden. De gehele carrière van Henry speelde zich af in het leger, en vanwege zijn verdiensten werd hij door Napoleon benoemd tot Baron de l'Empire.

Pierre Toussaint - ook gespeld als Toussain - werd geboren te Saint-Laurent in 1499, en overleed in Montbéliard (Franche-Comté) op 5 oktober 1573. Hij speelde een belangrijke rol in de verspreiding van het protestantisme in Frankrijk (met name in het noord-oosten), en onderhield contacten met Hervormers zoals Calvijn. De straat die naar hem genoemd is loopt vanaf de Rue de la Chaussée richting Merles. De vraag is nu of hij daar inderdaad ook gewoond heeft.

11-11-2008

Wapenstilstand

Vandaag is het negentig jaar geleden dat er een eind kwam aan de eerste wereldoorlog, in Frankrijk vaak « la grande guerre » genoemd. Dat lijkt lang geleden, maar pas eerder dit jaar is de langst levende Franse soldaat overleden.

Onder de huidige bevolking zijn er nog weinigen die deze oorlog hebben meegemaakt, maar onze bejaarde buren in Dombras - de gezusters Georgette en Alice en ook monsieur Laurant - vertelden ons nog hun herinneringen uit die tijd. De strijd op de slagvelden bij Verdun die ze uit de verte konden horen en zien, de bezetting en de vernielingen, de slachtoffers en de gedwongen verhuizing naar veiliger oorden elders in Frankrijk, ver van huis.

Een officier uit de Meuse heeft in zijn dagboek een kort relaas geschetst van de gebeurtenissen in het noorden van het departement.

Vandaag de dag is er nog veel dat herinnert aan de gruwelen van die eerste « moderne » oorlog. Naast de monumenten en begraafplaatsen, de nimmer herbouwde verwoeste dorpen « morts pour la France », de unheimliche sfeer in de bossen bij Verdun, de vage resten van het woord « Feldlazarett » geschilderd op een staldeur in Merles.

Toch is de herinnering de enige manier om ons er op te wijzen hoe onmenselijk en zinloos oorlogen zijn. Maar of we er lering uit trekken? Per slot van rekening werd aan het einde van de eerste wereldoorlog geen vrede gesloten maar een wapenstilstand. De wapens werden slechts neergelegd, om ze jaren later weer op te pakken...

21-07-2003

Het dorp toen

De bewoning van Saint-Laurent en omgeving gaat terug tot in de Gallo-Romeinse tijd. Aan de overzijde van de rivier - op de côte du Châtelet - zijn resten van bewoning gevonden uit deze periode die zijn geclasseerd als historisch monument. Deze bestaan uit een castellum dat werd versterkt in de 3e eeuw, een crematieplaats uit de 1e eeuw, en een begraafplaats uit de Merovingische periode (tussen 450 en 751). Verder zijn er munten, bewerkte stenen en resten van beeldjes gevonden. De opgravingen vonden plaats in de jaren 1929-1930 en de verslaglegging hiervan - inclusief kaarten, tekeningen en foto's - bevindt zich in de bibliotheek van het Institut de France in Parijs. Een aantal objecten worden bewaard in het Musée de la Princerie in Verdun.

In het Bulletin de la Société Préhistorique Française (vol. 26 [1929], no. 10, pp. 481-492) wordt in de rubriek « Nouvelles diverses » verslag gedaan van deze opgravingen:

« L'Administration des Beaux-Arts fait actuellement procéder à Saint- Laurent-sur-Othain (Meuse) à d'importantes fouilles archéologiques.
C'est notre excellent Collègue G. Chenet, du Claon, qui en assure la direction scientifique; M. Marcel Delangle, architecte des Monuments historiques lui est adjoint pour la partie technique.
Au lieudit le Châtelet des substructions gallo-romaines d'un grand monument sont entièrement dégagées : de nombreux fragments de sculptures et de bas-reliefs ont été recueillis, certains de belle conservation sont de grand intérêt.
Un puits muré a été fouillé déjà jusqu'à 30 mètres ; il a livré divers objets et des débris de sculptures des plus intéressants.
M. G. Chenet a commencé aussi l'étude, sur le flanc du « Châtelet » d'une vaste nécropole mérovingienne. Les travaux se poursuivent avec activité. »


Een jaar later meldt Chenet in Comptes-rendus des séances de l'Académie des Inscriptions et Belles-Lettres, 74e année, N. 1, 1930. pp. 27-28 dat het zou gaan om een verdedigingswerk uit de derde eeuw van een zeer bijzonder type: een meerzijdige omwalling waarin zich een grote put en de basis van een uitkijk- of verdedigingstoren bevond. Deze « burcht » zou deel hebben uitgemaakt van een linie om de verbindingsweg te verdedigen van de grote wegen tussen Reims en de Argonne naar het Rijngebied. Er zijn onder meer munten en het mondstuk van een bronzen militaire trompet gevonden. De burcht werd waarschijnlijk verwoest tijdens de grote invasie van de Germanen in de jaren 275-276.

Een kaart van het bisdom Verdun uit 1656 (Nicolas Sanson) maakt al gewag van Saint-Laurent. Voor 1790 behoorde het dorp bij Frans Luxemburg, de zogeheten « terre commune », en viel onder de proosdij van Marville en het diocees van Trier. Tot die tijd was de wereldlijke en kerkelijke heerschappij in de regio uitermate complex, maar vanaf 1790 hoort Saint-Laurent definitief bij Frankrijk, en was zelfs hoofdplaats van een canton tussen 1790 en 1800.


De kaarten van Cassini dateren uit de 18de eeuw en werden geroemd om hun kwaliteit. Om Saint-Laurent-sur-Othain te vinden klik op « rechercher un lieu », vervolgens halverwege in het pop up menu de plaatsnaam intikken, dan klikken op « rechercher » en in het vak eronder verschijnt in rood de plaatsnaam, op de plaatsnaam klikken en daarna op « carte ».

Het oude feodale kasteel is verdwenen, maar er zijn nog verscheidene huizen uit de 18e en 19e eeuw; het jaartal is boven de deur uitgehouwen. De kerk dateert uit 1808, maar het portaal en de toren uit 1790. Van de kapellen resteren nog Notre-Dame de Bon Secours (met een beeld van Saint-Donat die beschermt tegen onweer) op de weg naar Marville, en Notre-Dame de Luxembourg uit 1737 waarvan de gebrandschilderde ramen jammerlijk vernield zijn.

Beelden van toen

In vroeger tijden werden op het platteland vrijwel uitsluitend portretten en groepsfoto's gemaakt voor speciale gelegenheden, maar ook dorpstaferelen en ambachten waren een geliefd onderwerp. Om een indruk te krijgen van het dorpsleven zijn oude ansichtkaarten een goede informatiebron en daarom ook een gewild verzamelobject. Deze kaart dateert uit de periode 1900-1914.

De scheidslijn tussen toen en nu is niet altijd duidelijk te trekken, met name in een dorp waar ogenschijnlijk de tijd lang heeft stilgestaan. Niettemin zijn er veel veranderingen in het dorpsleven op allerlei vlak, maar het verleden heeft een aantal stille getuigen...

De kerk

Boven het ingangsportaal van de kerk staat een inscriptie die refereert aan de Franse Revolutie. De godsdienst werd afgeschaft, er vond een ware beeldenstorm plaats en de kerk werd een « Temple de la Raison ». De kerk van Saint-Laurent is de enige in Frankrijk waar dit nog duidelijk te zien is. De patroonheilige is vanzelfsprekend Sint Laurentius, die onder meer de bibliothecarissen onder zijn hoede heeft.

De arme Laurentius kwam droevig aan z'n eind, hij werd levend geroosterd op 10 augustus in het jaar 258. Rond deze datum wordt jaarlijks het dorpsfeest - fête patronale - gehouden. Bekende uitdrukkingen die verwijzen naar deze patroonheilige zijn:


  • Saint Laurent partage l'été par le milieu
  • Quand il pleut à la Saint Laurent, la pluie vient assez à temps
  • De la Saint Laurent à Notre Dame, la pluie n'afflige pas l'âme.

De kapel

De kapel Notre-Dame de Luxembourg dateert uit 1737 en is gewijd aan Onze Lieve Vrouwe, Troosteres der Bedroefden. Deze kapel, die buiten het dorp aan de weg naar Noers is gelegen, is al lang buiten gebruik en helaas ten prooi gevallen aan vandalen. Van de mooie gebrandschilderde ramen is niets meer over...

De molen

Vlak voor de brug over de Othain ligt een oude watermolen. Op de foto is te zien dat dit soms heel letterlijk te nemen valt, aangezien de rivier in regenrijke jaargetijden flink buiten zijn oevers kan treden. Er ontstaan dan uitgestrekte watervlakten en in het ernstigste geval wordt zelfs de weg naar Noers afgezet aangezien er dan geen verkeer mogelijk is.

De wasplaats

Tegenwoordig heeft ieder huishouden een wasmachine, maar vroeger waren er « lavoirs », publieke wasplaatsen. Deze waren overdekt en voorzien van een grote bak met koud stromend water waarin de was op « ambachtelijke wijze » werd gedaan. Voor de vrouwen was dit een uitgelezen gelegenheid voor kletsen en roddelen. In het noorden van de Meuse zijn er nog verscheidene intact en gerestaureerd. Sommige zijn heel speciaal, zoals in Lissey met het gemeentehuis boven de wasplaats, en in Halles-sous-les Côtes die lijkt op een Griekse tempel. Deze eenvoudige wasplaats in Saint-Laurent heeft een mooie dakbedekking uit gehouwen steen en is gebouwd rond 1860 volgens het tunnelprincipe. De monumentale wasplaats in Billy-les-Mangiennes huisvest een permanente expositie, en is het startpunt van een circuit.

Meer interessante historische informatie is te vinden op de webstek van het naburige dorp Sorbey.

Voor plaatjes uit de oude doos klik hier.