01-11-2011

De Grande Rue een eeuw geleden

De Grande Rue in de tijd dat er nog geen electriciteit was, aan het begin van de twintigste eeuw. Rechts voor het huis met gesloten luiken zijn een meisje en een kip te zien. Het is opvallend dat de ruimte voor het huis - het usoir - zo netjes en opgeruimd is. Waarschijnlijk omdat er geen inpandige stal is en de verdieping uitsluitend voor opslag van hooi werd gebruikt.


Deze foto toont een deel van de Grande Rue meer in de richting van Moscou. Het valt op dat er inmiddels electriciteit in het dorp was aangelegd. Het huis rechts staat er nog altijd en is een van de grotere panden van het dorp.


Een boerentafereel nog iets hogerop in de Grande Rue. Traditioneel werden de koeien altijd op stal gemolken waardoor er een voortdurend « va-et-vient » was van dieren. Het voordeel van deze methode was dat de mest meteen op de pluis voor de boerderij kon worden gegooid. En het nadeel is evident...


Ook deze kiek is gemaakt bovenaan de Grande Rue, maar dan in de richting van de kerk. Aan het uithangbord te oordelen is in het grote huis rechts een paardenhandelaar of hoefsmid gevestigd.

Illustere figuren

Frankrijk eert haar helden, want die strelen de nationale trots. Saint-Laurent kent slechts een klein aantal « historische figuren », één daarvan is Colonel Jean Reder van wie verder niets bekend is. Meer onderzoek is dan ook geboden. Naar hem is een klein straatje vernoemd waar vroeger een kleuterschool was en tegenwoordig bakkerij Anastasi is gevestigd.

De familie de Looz-Corswarem is een adelijk geslacht uit België, met vertakkingen naar Frankrijk en Duitsland. Leden van deze familie droegen de titel van hertog of prins. In de periode tussen grofweg 1880 en 1970 heeft een tak van deze familie in Saint-Laurent gewoond. Prins Camille de Looz-Corswarem (1853-1929) trouwde er in 1906 met Marie Féron, afkomstig uit het dorp. Er zijn verschillende geboorten, sterfgevallen en huwelijken geregistreerd in Saint-Laurent maar vooralsnog zijn er veel onduidelijkheden over deze familie. Enig speurwerk zal meer duidelijkheid moeten scheppen.

Prosper Rachon werd in 1830 geboren in Saint-Laurent als telg uit oude Lotharingse families. Hij overleed in 1922 in het naburige Saint-Jean-lès-Longuyon.

Als jezuïet was hij vanzelfsprekend actief in het onderwijs. Hij werkte niet alleen als onderwijzer op de school van Marville, maar doceerde ook aan colleges in Parijs en Amiens. «Le Révérend Père Rachon» zoals hij genoemd werd was ook lid van academische genootschappen en begiftigd met verschillende kerkelijke onderscheidingen, onder meer voor betoonde moed tijdens de eerste wereldoorlog.

Een volgende historische figuur is Jean-Pierre Henry, geboren in 1757 en telg uit een familie van wevers. Zijn geboortehuis staat er nog, in de straat die naar hem genoemd is. Tegenwoordig is het huis onbewoonbaar en de herinneringsplaquette op de gevel is zeer bescheiden. De gehele carrière van Henry speelde zich af in het leger, en vanwege zijn verdiensten werd hij door Napoleon benoemd tot Baron de l'Empire.

Pierre Toussaint - ook gespeld als Toussain - werd geboren te Saint-Laurent in 1499, en overleed in Montbéliard (Franche-Comté) op 5 oktober 1573. Hij speelde een belangrijke rol in de verspreiding van het protestantisme in Frankrijk (met name in het noord-oosten), en onderhield contacten met Hervormers zoals Calvijn. De straat die naar hem genoemd is loopt vanaf de Rue de la Chaussée richting Merles. De vraag is nu of hij daar inderdaad ook gewoond heeft.

04-10-2011

Op zoek naar de schat

«Chiner» of «faire la chine» heeft niets met het land China te maken maar alles met vlooien- en brocantemarkten. Op de najaarsmarkt van Damvillers was er voldoende plaats ingeruimd voor professionele en amateur brocanteurs. Dit in tegenstelling tot een vide-greniers waar de plaatselijke bevolking de kans heeft om spullen op te ruimen en het grootste deel van de koopwaar in de categorie «ouwe meuk» valt. Dit klinkt niet zo fraai, maar een preselectie zou mijns inziens de omzet en de kwaliteit van het evenement verhogen.

Ondanks het feit dat tweedehuizenbezitters doorgaans fanatieke «chineurs» zijn heb ik totaal geen landgenoten kunnen ontdekken onder het publiek. Er waren niettemin leuke spullen te vinden zoals email keukengerei, allerlei zinken teilen en gieters, wat aardig meubilair en heel veel kleinere dingen die als decoratie kunnen dienen. Je moet er alleen wel van houden natuurlijk want niet iedereen richt zijn stulpje op het platteland op rustieke wijze in. En je moet soms ook wel een beetje handig en fantasievol zijn om de spullen op te knappen of een nieuwe bestemming te geven. Zelf heb ik nog een paar aardige kleinigheden opgediept, zoals gietijzeren gewichten, een bokaal met de Lotharingse distel en een bierfles van La Meuse, inclusief de beugel met porceleinen dop.

Naast de overdaad aan kramen met kleding was er ook een expositie van kleinvee met prachtige raskippen en konijnen en wat ander klein spul, en een grote stand bemand door regionale schrijvers. Deze laatste voor de liefhebbers natuurlijk maar een culturele noot is zeker niet onbelangrijk!

Wie de data van de brocantemarkten in de gaten wil houden zijn de volgende websites een aanrader: vide-greniers.org en brocabrac.

18-07-2011

De Renaissance in de Meuse

De Renaissance is een van de belangrijkste periodes uit de geschiedenis en heeft sterke impulsen gegeven aan de ontwikkeling van kunsten en wetenschappen. Vandaag de dag zijn nog veel overblijfselen hiervan te bewonderen - met name op het gebied van architectuur en kunst – en de Meuse mag zich verheugen in een rijk patrimonium.

Als opmaat naar het jaar 2012 waarin een grote culturele manifestatie over de Renaissance in Lotharingen zal worden gehouden, heeft het tijdschrift la Gazette Lorraine een speciaal nummer uitgebracht over de Renaissance in de Meuse. Deze uitgave geeft op een bondige manier een beeld van deze stroming en wat er nog van resteert. Het is rijk geïllustreerd en goed gedocumenteerd, en brengt de belangrijkste voorbeelden van de Renaissance in het departement voor het voetlicht: kerken, kastelen, woonhuizen en kunst.

In het noorden van de Meuse zijn het grandioze kasteel van Louppy-sur-Loison en het schitterende dorp Marville de onbetwiste hoogtepunten. Het kasteel is nog altijd particulier bezit en kan in de zomer gedeeltelijk bezichtigd worden. De duiventil, de verschillende poorten, binnenplaatsen en de kapel zijn werkelijk uniek. In Marville hebben verschillende eigenaren hun krachten gebundeld in de vereniging « Marville Terres Communes » om het behoud van het erfgoed te bevorderen. Tijdens de « Journées européennes du patrimoine » op 17 en 18 september 2011 is het mogelijk om een aantal gebouwen waaronder het Maison refuge de l’Abbaye d’Orval en het Hôtel d’Egremont te bezoeken. Nieuws hierover zal worden gepubliceerd op de site van het Office de tourisme transfrontalier du Pays de Montmédy.

Het boekje « Renaissance en Meuse » is onder andere te koop bij de VVV in Avioth, waar deze zomer in de gotische basiliek – met een Renaissance preekstoel – een bescheiden tentoonstelling wordt gehouden. Voor de liefhebbers beslist de moeite waard!